Hoe gaat het in de tuin?

“Hoe gaat het in de tuin?” Die vraag wordt me de laatste tijd nogal eens gesteld. Het antwoord is: niet zo best. Vorig jaar zat het me enorm mee, het warme voorjaar gaf mijn tuin op het noorden een flinke boost. Dat mis ik nu. Het was lang koud en daarna regende het veel.

Die regen was wel gunstig voor de preiplantjes en de andijvieplantjes die ik vorige week op de markt kocht. Ik hoefde ze niet te gieten. De grote dahlia’s zitten in de grond en die kunnen ook wel wat regen hebben, ze kwamen helemaal ingedroogd van zolder. De judaspenning en de lelietjes-van-dalen hebben ook geen last van de regen. Ik heb alweer rabarber gegeten.

DSCN8265

Maar…..

De peultjes staan nog maar een paar centimeter boven de grond. De kapucijners en de pastinaak heb ik vorige week opnieuw gezaaid, er was niks van opgekomen. Deze tweede zaai is wat aan de late kant, maar ik wilde het nog niet opgeven. De bietjes zijn ook nog niet te zien, ik hoop nog op het effect van de stijgende temperatuur. Wat wel overvloeide opkomt zijn de klaprozen. Als ik niets zou doen, heb ik deze zomer toch een veld vol klaprozen. Ook mooi, maar niet helemaal zo gepland.

DSCN8264 (2)En dan de zaailingen die binnen staan. Die groeien maar door en zouden eigenlijk naar buiten moeten voor het afharden. Maar ja, die plantjes zijn nog niet bestand tegen de zware regenbuien. Dus staan ze nog steeds binnen, een deel in de schuur en een deel nog in de kamer.

Ik heb mooie  courgetteplanten, titonia-  en paprikaplantjes. De tomaten dreigen wat sliertig te worden. Een bijzonder geval zijn de zaailingen van de doornappel. Die zijn nu al gaan bloeien. Het is geen gezicht zo’n grote kelk aan zo’n piepklein plantje.

En nu het warmer wordt, zit ik al een paar dagen met een gemene ontsteking binnen. Dus het schiet niet op allemaal. Ik probeer de moed erin te houden Er komen betere tijden. Maar het tuinplezier wil nog niet erg komen.

RSCN8217 (2)

Nog even een plaatje van vorige maand, toen het ineens een paar dagen mooi weer was en er tientallen hommels op de muurbloempjes vlogen. Zo mooi kan het ook zijn.

Open tuinen in De Treek

Den Treek-Henschoten is een uitgestrekt landgoed met bossen en heide. Er zijn wandel-, fiets- en ruiterpaden, er staan ook huizen en boerderijen. 

DSCN8260 (2)

Afgelopen weekend waren twee tuinen in De Treek open voor bezoekers. Geheel passend bij het seizoen noemden ze het “bollenweekend”. Ik stapte op mijn fiets en ging kijken. Eerst naar

Tuin Hubertushof 

Vanaf de weg is niet te zien dat hier een flinke bostuin ligt. Je ziet het pas als je door de carport bent. De tuin is aangelegd met respect voor wat er al was. Door de tuin heen loopt een sloot die al meer dan 100 jaar oud is. En ook de hortensia’s zijn blijven staan.

RSCN8263

dramaqueen (2)De tuin staat nu vol met voorjaarsbloeiers. Primula’s, viooltjes, bosanemoontjes, epimediums en de bloembollen zoals tulpen, zomerklokjes, keizerskroon.

En vooral heel veel soorten narcissen. Zo leuk om al die soorten te zien, veel kende ik er niet maar deze narcis vergeet ik niet snel meer. Ze heet dramaqueen en zo ziet ze er ook uit.

Bij de kleine kas stonden plantjes te koop. De eigenaresse was ook niet te beroerd om met een schepje even wat uit te steken.  

DSCN8239 (2)

In de zomer wordt deze tuin een dahliafeest. De eerste dahlia’s stonden al in de grond. Dat had ik deze week ook net gedaan. Toen ik ernaar vroeg vertelde de eigenaresse dat ze dahlia’s -net als ik- ’s winters in dozen op zolder bewaart. 

Achter de tuin liepen een paar ezels, ik hoorde ze balken. Waarschijnlijk vonden ze dat er teveel bezoek was, want ze lieten zich niet zien. Ze dragen wel hun steentje bij: de ezelmest wordt gebruikt in de tuin.

Even verderop ligt de

Tuin In de Boomgaard

DSCN8257 (2)Deze tuin is vanaf de weg gedeeltelijk te zien. Ik was er al eens eerder geweest.

De voortuin is in de kleuren wit en geel gehouden. Ook hier veel narcissen, tulpen en ik zag witte judaspenning.

De tuin achter het huis is anders, hier overheersen de kleuren oranje en rood.

Deze tuin is kleiner dan De Hubertushof en misschien is daarom gewerkt met veel potten. Ze staan in groepjes bij elkaar geschikt. Er zaten prachtige combinaties bij, zoals deze. Met eenvoudige viooltjes, vergeetmijnietjes en één heuchera gaf het een prachtig effect.

Ook hier plantenverkoop. Deze tuin is wat “commerciëler”, want in het tuinhuis is een winkeltje met vazen en potten en je kan er cursussen volgen in bloemschikken en boeketten maken. 

DSCN8258 - kopie

Het is altijd leuk om andere tuinen te zien. Ik doe er altijd wel weer een idee op. Vooral met combinaties van eenvoudige planten en simpele praktische trucs ben ik blij. En vaak leer ik er weer een nieuwe plantennaam bij.

20210501_130945 (2)Meestal neem ik ook wel weer een plantje mee, deze keer kocht ik een pot met botanische tulpen en een lathyrus. Daar moet ik dan nog wel een plek voor vinden, maar dat lukt vast wel.

En omdat het kon, de terrassen weer open zijn en de zon scheen ging ik tussendoor lunchen op een terras. Ik was niet de enige die deze zaterdag een terrasje pakte. Toen ik een foto van mijn smoothie appte kreeg ik reacties terug met “Ik zat ook op een terras!“, al dan niet vergezeld van een plaatje. 

In augustus zijn allebei de tuinen weer open, dan natuurlijk voor de dahlia’s. 

Bekijk hier de beide tuinen:

Hubertushof

In de Boomgaard

 

Stoutenburgerpad

Klompenpad in Stoutenburg (10 km)

Op deze koningsdag met mooi weer kies ik voor een wandeling die start bij Kasteel Stoutenburg. Ik ken dit terrein goed. Toen het kasteel nog een Franciscaans klooster was, kwam ik hier regelmatig.

DSCN8234 (2)

De Heerlijkheid Stoutenburg

Het is geen echt kasteel. Er stond ooit (plm. 1300) wel een bisschoppelijk kasteel, lekker strategisch op de grens van Utrecht en Gelre. Dat kasteel werd in 1540-1542 gesloopt. Waarschijnlijk is er een deel bewaard gebleven. In 1594 kocht Johan van Oldenbarnevelt de “Heerlijkheid Stoutenburg”, het gebouw met de pachtboerderijen eromheen. Het huidige gebouw is een landhuis dat gebouwd werd omstreeks 1862. In 1948 kochten de Franciscanen het gebouw dat in de oorlog zwaar was beschadigd. Het werd in sobere stijl hersteld. Nadat de laatste broeders vertrokken waren, zat er een  milieuwoongroep in. Nu is het hele terrein van het Utrechts Landschap en in het kasteel is een woonzorgcentrum.

Ik parkeer mijn fiets bij het koetshuis (nu bezoekerscentrum) en loop het terrein af. Vorig jaar zag ik hier nog reeën grazen. Nu zitten er al families in het gras te picknicken. De reeën laten zich niet zien. Ik ben nog maar net de Hessenweg overgestoken als zich al een dilemma aandient. Behalve het oranje klompje en een roodwitte markering van een LAW staat er ook een bordje met “Verboden Toegang”. Ik twijfel: mensen die zo’n verbodsbordje plaatsen, hebben meestal een hond voor de handhaving. En jawel, na een paar meter hoor ik al een enorm geblaf. Maar gelukkig achter een hoge heg, opgelucht loop ik verder.

Het pad loopt door agrarisch gebied, tussen de weilanden. Je ziet de hoogbouw van Leusden en tussen de boerderijen worden nieuwe huizen gebouwd. Overal bloeien de pinksterbloemen. Die houden nergens rekening mee, het is nog een maand voor Pinksteren. Maar pinksterbloemen bloeien altijd vroeger dan Pinksteren, vaak al met Pasen.

De Schammer

Aan het eind van de Engweg loop ik de Schammer in, een natuurgebied waar ik nogal eens doorheen fiets. Vorige jaar zomer wijdde ik hier al eens een blog aan. Al gauw ben ik ben ik bij de vogelkijkmuur. Je kunt hier uitkijken over het water en het vogelbroedgebied. Aan de overkant is een muur gebouwd met gaten. Door de verrekijker zie ik er vogeltjes in en uit vliegen. Zijn het de oeverzwaluwen? Op de site van Vogelbescherming lees ik dat ze vanaf half maart terugkomen. Eén zwaluw maakt nog geen zomer, maar hier zie ik er een heleboel.

Bloeidaal

Na de Schammer steek ik opnieuw de Hessenweg over. Het hek van de landwinkel/kaasboerderij De Kopermolen zit helaas dicht. Het ene natuurgebied gaat hier over in het andere: Bloeidaal.

Op een bankje eet ik een boterham. Ik heb hier een prachtig uitzicht, want tegenover het bankje  is het riet afgemaaid. Ik zit dus op de eerste rang met links en rechts de rietgordijnen. En juist in het voorjaar is dat prille groen prachtig. Er zijn nu zoveel kleuren groen: geelgroen, roodbruinig, soms met wit er in. Later in de zomer wordt het veel meer één mono-groen.

De Barneveldse beek

Na Bloeidaal gaat het verder langs de Barneveldse beek en loop ik weer tussen de koeien en de boerderijen. Op de website werd gewaarschuwd voor drassige grond langs de beek. Maar het is kurkdroog.

Het laatste stukje van de wandeling loopt weer over het terrein van de “Heerlijkheid Stoutenburg”. En dan ben ik weer bij mijn fiets.

Met de drukte viel het reuze mee. Veel mensen blijven op dat eerste stukje op het terrein. Zodra ik wat verder liep, kwam ik weinig mensen tegen. Het was een leuke wandeling. Al wandelend zie je een gebied heel anders dan wanneer je er doorheen fietst.

Oude wijfjes (Ipheion uniflorum)

Toegegeven, de naam “oude wijfjes” klinkt niet bepaald sexy. Toch wil ik hier een lans breken voor dit plantje dat officieel Ipheion uniflorum heet en bekend staat als oude wijfjes. 

RSCN8204 (2)

Wie verzint zo’n naam? Nou, volgens de website van “Groei&Bloei” was het Rita van der Zalm: “Onze ongekroonde bloembollen-koningin Rita van der Zalm gaf haar een oer-Hollandse bijnaam: Oude Wijfjes, vertederend, want Oude Wijfjes zeggen lieve, bescheiden en verstandige dingen.”

Tja, ik zou hier niet durven beweren dat oude wijfjes alleen lieve, bescheiden verstandige dingen zeggen. Maar goed, Ipheion is een bescheiden plantje. Bescheiden, omdat ze klein is en ook omdat ze zich gemakkelijk laat overgroeien door grotere planten. Overigens kwam ik ook nog de naam “voorjaarster” tegen, dat spreekt mij meer aan. 

Onbekend maakt onbemind?

Ipheion is een tamelijk onbekend bolgewasje. Er is weinig over te vinden, ook in het Bloembollenboek van Jacqueline van der Kloet wordt ze slechts zijdelings genoemd. Ik vind dat jammer, want het is een erg leuk plantje. Het blad heeft een uiachtige geur, ze is familie van de ui. 

Het toeval wil dat Ipheion al jaren in mijn moeders tuin staat. Mijn moeder zei dat het plantje  onverwoestbaar was. Dat sprak mij wel aan. Bovendien leek het mij mooi om te combineren met de blauwe druifjes, die al in mijn voortuin staan. Ik groef een paar pollen uit en plantte ze thuis tussen de blauwe druifjes.

Het eerste jaar zag ik er nog niet veel van, maar dit jaar staan ze her en der te bloeien. Het zijn kleine sterretjes, witte bloemetjes met een zweempje blauw. Eén bloemetje per steel. En ze combineren inderdaad mooi met de blauwe druifjes. Ze bloeien tegelijk, maar Ipheion bloeit langer: van maart tot juni. 

DSCN8201 (2)

Een beetje a-typisch 

Ipheion is geen stinsenplant, maar wel een verwilderingsbol. Eigenlijk een beetje a-typisch bolgewas. In tegenstelling tot de meeste voorjaarsbollen komt ze niet uit Turkije, de Kaukasus of verder weg in Azië. Nee, Ipheion komt uit Argentinië en Uruguay. 

Je kan in het voorjaar polletjes uitgraven en verplanten. Ook vermeerderen door pollen op te splitsen, zoals met sneeuwklokjes. Je kan ook bollen kopen (bijv. via de website van Sterke bollen). Maar bijzonder is dat Ipheion zichzelf ook vermeerdert via zaad. Natuurlijk vormen andere bolgewassen ook zaad, maar het duurt jaren en jaren voor je een tulp uit zaad hebt opgekweekt. Dat kun je beter aan de echte kwekers over laten. 

Ipheion houdt van een droge standplaats in de volle zon. Dat maakt haar interessant nu onze tuinen droger worden. Een bepaalde voorkeur voor de grondsoort heeft ze niet, bij mijn moeder staat ze op klei en bij mij op zand.

Plant dus wat oude wijfjes in je tuin, geef ze wat ruimte tegen het overgroeid raken en vergeet die suffe naam meteen. 

 

Arboretum De Dreijen, Het Depot

Vorige keer was ik geëindigd in Arboretum Belmonte in Wageningen en liep ik naar het  Arboretum De Dreijen, een klein stukje terug naar het centrum. Dit is een parkachtige tuin met een Pinetum. Het Pinetum liet ik deze keer links liggen. Zo in het voorjaar heb ik gewoon heel veel zin in kleur, knoppen die op springen staan, prille bloemetjes.

DSCN2397 (2)

Vrijwel meteen bij binnenkomst zag ik een prachtige Corylopsus (schijnhazelaar). Verder bloeide er nog niet zoveel. Vergeleken met de bloesemweelde in Belmonte leek de tuin zelfs wat kaal. 

DSCN8158 (2)Carolus Linnaeus (1707-1778)

Op een kleine sokkel staat de beroemde Carolus Linnaeus het geheel te overzien. Met een tevreden (?) glimlachje om de mond. Deze Zweedse plantkundige (en ook nog arts, zoöloog en geoloog) legde met zijn “Systema Naturae” (uit 1735) het fundament voor de indeling in plantenfamilies met de Latijnse namen. Nog steeds wordt zijn indeling gebruikt. Ook al is er in de loop der tijd steeds voortschrijdend inzicht geweest en wordt een plant soms in een andere familie ingedeeld of krijgt hij een andere Latijnse naam. Carolus Linnaeus woonde ook een aantal jaar in Nederland. Hij studeerde aan de universiteiten van Harderwijk en Leiden. Later was hij een paar jaar lijfarts en hortulanus van een Amsterdamse bankier, die verwoed plantenverzamelaar was. 

In De Dreijen staat hij onder de pergola met uitzicht over de tuin. Onder die pergola bloeiden al een paar soorten rotsplantjes en ook bij de vijver staan rotsplantjes in bloei. 

DSCN8160 (3)

De tuin is ontworpen door L. Springer in 1895 als schooltuin bij de Rijks Landbouwschool. Toen was het een tuin met groentebedden, fruitbomen en een kas. Hoewel Springer zijn arboretum eigenlijk wilde uitbreiden. Uiteindelijk werd de tuin eigendom van de Wageningen Universiteit. 

Het stuk met de pergola is later ingebracht door een andere tuinontwerper: Louise Baas Becking. Dit is veel strakker van opzet dan de slingerende paden van Springer. 

Deze tuin moet je eigenlijk wat later gaan bekijken: in juni bijvoorbeeld, als de pioenrozen bloeien. Daarvan zijn er een heleboel, waaronder ook de boompioen. Ze staan nu met donkerrode punten ruim boven de grond. Of nog later als de verschillende soorten heide bloeien. 

Het Depot

Naast Arboretum De Dreijen ligt beeldengalerij Het Depot. Eigenlijk is het omgekeerd: de tuin hoort bij Het Depot. Toen De Wageningen Universiteit het onderhoud niet meer kon doen, heeft Het Depot het onderhoud met vrijwilligers overgenomen. Het Depot richt zich op beeldhouwwerk van het menselijk lichaam, in de breedste zin. Het is nu gesloten i.v.m. de coronamaatregels. Normaal is Het Depot open van donderdag t/m zondag. In de tuin zijn wel een paar beelden te zien. 

DSCN8193 (3)

Tegenover De Dreijen ligt de Villa Hinkeloord, die bij Het Depot hoort en waar ook beelden geëxposeerd worden. De villa en de bijbehorende beeldentuin zijn nu gesloten. 

Meer over Het Depot en Arboretum 

 

Arboretum Belmonte, Wageningen

DSCN8176 (2)Toen de sneeuw weg was en de temperatuur weer even wat aangenamer, ging ik naar Wageningen. De botanische tuinen zijn vrijwel allemaal gesloten, maar in Wageningen zijn er twee die allebei openbaar toegankelijk zijn: Belmonte en De Dreijen. Heel verschillend van sfeer. Arborertum de Dreijen is wat parkachtig van opzet en heeft een Pinetum. Arboretum Belmonte  ligt op de Wageningse Berg en heeft vooral veel bloesembomen. Ze liggen vlakbij elkaar, dus prima te combineren. 

Arboretum Belmonte    

Ik ging eerst naar Belmonte. Daar zijn veel bloesembomen (prunus, magnolia, sierappels en -peren). Om deze tijd van het jaar bloeit er altijd wel wat. Dan volgt nu een dienstmededeling: 

  • de wc’s in het koetshuis zijn open. Je kan dus met een gerust hart koffie-to-go drinken. Ze hebben er ook nog heerlijke taart bij. En overal staan bankjes.

DSCN8170 (2) DSCN8172 (2)

Na de koffie met taart liep ik de tuin in. De meeste prunusblaadjes waren als sneeuw naar de grond gedwarreld. De magnolia’s begonnen net met hun bloei. Andere bomen, zoals de vele sierappels staan nog in knop. En overal bloeien de narcissen in soorten en maten.

DSCN8164 (2)

 

DSCN8179 (2)Naast bomen heeft Belmonte een grote collectie Rododendrons, zowel oude rassen als nieuwe soorten. De vroege soorten bloeiden al of waren zelfs al uitgebloeid. Maar de meeste moeten nog beginnen. Ik ben niet zo dol op Rodo’s , met die bloemkoolgrote bloemen. Maar hier zie ik ook soorten met kleine delicate bloemen. Ik zou er bijna voor terug willen komen, volgende maand als de bloei op zijn hoogtepunt is. 

Nog weer later in het jaar is de grote collectie rozen de moeite waard. In Belmonte staan 400 soorten rozen afkomstig van verschillende continenten. En ook nog eens veel inheemse wilde rozensoorten. 

DSCN8163 (2)

Ongemerkt loopt het pad steeds verder omhoog tot je aan de rand van de Wageningse Berg staat. Vanaf hier heb je een prachtig gezicht op de Rijn en veel lager gelegen Betuwe. Er loopt een wandelpad helemaal langs de rand. 

DSCN8174 (2)

 

Nadat ik weer was afgedaald liep ik de Generaal Foulkesweg een stukje af naar Arboretum De Dreijen. Daarover de volgende keer. 

Over Belmonte

 

 

 

Sometimes it snows in April

Deze dagen dacht ik er weer aan: “Sometimes it snows in April” van Prince.

DSCN8154 (2)

“Sometimes it snows in April
Sometimes I feel so bad
Sometimes, sometimes I wish that life was never ending
But all good things, they say, never last”. 

Toen Prince in april 2016 overleed, was dit het toepasselijke liedje. Het gaat over verlies. En geloof het of niet, maar het sneeuwde toen ook, die april in 2016, toen het nieuws kwam dat Prince was overleden. We waren toen naar de Achterhoek geweest om de stinzenplanten op kasteel Hackfort te zien. Ik weet het nog goed, dat was zelfs eind april. 

Gisteren met Pasen kregen we al een voorproefje met hagel en natte sneeuw. Maar toen ik vanmorgen opstond zag het er zo uit. En terwijl ik dit schrijf dwarrelen de sneeuwvlokken voorbij het raam.

DSCN8152 (2)

Hier staan mijn peultjes, onder dit laagje sneeuw. Ze kwamen net boven de grond. Gaan ze het redden? 

“Sometimes it snows in April”, maar uiteindelijk komt het toch altijd weer goed met de lente. 

Kersenbloesem in Almere

DSCN8137 (2)

Afgelopen weekend tweette Vera van “VeraWandelt” jaloersmakende foto’s van de kersenbloesem in Almere. Toen ik erop reageerde stuurde ze me een route “Rondje Regenboogbuurt” (6 km), met het advies erbij dat ik wel snel moest zijn anders waren ze uitgebloeid. De volgende dag nam ik de trein naar Almere.

In Japan is de kersenbloesembloei ( Sakura) een nationale gebeurtenis (Hanami Matsuri). Jong en oud gaat er op uit om de bloesem te zien. Die bloei is maar kort en in het noorden van Japan is hij later dan in het zuiden. Daarom wordt de bloeiperiode aangekondigd zoals bij ons het weerbericht. Zodat je weet wanneer je eropuit moet.

Als je meer wil lezen over de geschiedenis van de kersenbloesem in Japan, lees dan het boek “Sakura. Hoe een Engelsman de Japanse kersenbloesem redde” van Naoko Abe (of mijn blog van vorig jaar hierover).

DSCN8131 (2)Maar je hoeft dus niet naar Japan. Ook in Almere is de bloei te zien. In de Regenboogbuurt zijn maar liefst 800-850 sierkersen (Prunus) aangeplant die allemaal tegelijk in bloei staan. 

Het is een lichtroze, bijna witte soort met kleine bloempjes. Er zijn zoveel soorten Prunus dat ik niet weet welke soort dit is. Maar het is niet de bekendere felroze Prunus Kanzan.

Er waren op deze maandagmiddag nog meer mensen foto’s aan het maken, het is ook een sprookjesachtig gezicht. Echt druk was het niet.

Bijzondere architectuur

De Regenboogbuurt blijkt ook een wijk met bijzondere architectuur te zijn. Verschillende architecten werkten er aan mee en het geheel is een eerbetoon aan de Duitse architect Bruno Taut.

DSCN8134 (3)De straten hebben allemaal kleurennamen. De huizen in de Minthof zijn mintgroen, in de Terracottastraat terracottarood en in de Kakistraat, kakibeige enz.  Helemaal consequent is het niet, zoals een gedichtje op dit huis laat zien. 

Dit maakt het “Rondje Regenboogbuurt” ook de moeite waard in andere tijden. 

Kijk bijvoorbeeld eens naar deze huizen. Dat je elke morgen wakker wordt in zo’n torentje en dan uit het raam kijkt welk weer het vandaag is.  

DSCN8122 (2)

De tuinen in deze wijk stellen niet veel voor. Bij de grotere huizen staan veel auto’s. blijkbaar wordt er vooral thuisgewerkt op deze gewone maandag. Bij de kleinere huizen zie ik vooral “grondstofcontainers”. Dat doet me denken aan het programma van de altijd scherpe Teun van de Keuken. In “De Vuilnisman” zoekt hij uit of het waar is dat ons afval ineens grondstof is geworden. Hier in Almere vinden ze van wel: op elke container staat “grondstof”. 

Almeerse keien

DSCN8139 (2)

En dan kwam ik ook nog langs deze keien. Wat doen die daar? Amersfoort heeft de naam van “keistad“, maar Almere? Daar wilde ik het fijne van weten. Het is een kunstwerk, “Vondst” gemaakt door Ria Smit. Betonnen keien, geïnspireerd op de oeroude zwerfkeien die naar boven kwamen bij de drooglegging van Flevoland.  

DSCN8141 (2)

Lees hier over de architectuurwandeling in de Regenboogbuurt die Vera maakte. 

Over Sakura door Naoko Abe

Voorjaar in de tuin

De lente is begonnen, de temperaturen stijgen, het weer lokte me de tuin in. De omgespitte grond ligt nog te wachten. Ik heb al wel peultjes, pastinaak en kapucijners gezaaid, maar die zijn nog niet te zien. En voor de meeste groentes is het nog te vroeg om buiten te zaaien.

Binnen heb ik ook gezaaid: palmkool, tomaten, tithonia, koriander, courgettes en paprika. Die paprika is een experimentje. Ik heb nl gewoon zaden uit een verse rode puntpaprika in de grond gestopt. Ze zijn royaal opgekomen en ik heb ze nu in aparte potjes gezet. Ik ben heel erg benieuwd of ze zullen rijpen. Mijn zaai- en stekgrond raakte op, daarom nam ik gewone potgrond vermengd met schelpzand.

Het verschil tussen de echte zaai-en stekgrond en de potgrond-schelpzandcombinatie zag ik na een paar dagen. De plantjes in de zaai- en stekgrond waren groter, terwijl ze een paar dagen later verspeend waren. Er moest nieuwe zaai- en stekgrond komen. Ik maakte een afspraak bij een tuincentrum.

DSCN8102 (2)

Afgelopen maandag was het zover. Wie had kunnen denken dat je ’s morgens wakker wordt en denkt: “Hoera, ik heb een afspraak met het tuincentrum vandaag!”. Ik mocht een half uur winkelen, maar ik kon eerder naar binnen, dus het werd wat langer. Ik greep een nogal lelijke kunststof hangpot uit het schap. Die had ik nodig voor de Spaanse margriet, die overwinterd had in de schuur. De terracotta pot waarin hij zat, was gebroken. Ik zag alleen kunststoffen hangpotten in pastelkleurtjes en grijs. Dan maar een grijze. Bij de kassa kreeg ik een paar hazelaarstekken mee. Ik heb er één in een pot gezet. Niet in de volle grond, want het worden bomen en daar heb ik geen plek voor.

DSCN8109 (2)

Een paar dagen later zette ik alvast de bonenstaken voor de pronkbonen. Het is nog te vroeg om bonen te leggen, maar zo zie ik beter hoeveel ruimte ik nog over heb. Ik maak altijd wel een globale schets in mijn tuinschriftje maar ik vind het fijner om het in het echt te zien. Ik had ook slakkenkorrels gekocht. Ik strooide ze meteen. Ik ken de plekken waar slakken in groten getale eitjes leggen en zo pak ik ze meteen aan voor ze rond gaan kruipen. Ik zag dat één lavendelstruikje de winter niet overleefd heeft en ik twijfel aan de salvia die ik nog zo zorgzaam had toegedekt tegen de vorst.

DSCN8105 (2)Terwijl ik buiten bezig was fladderde er alweer een dagpauwoog rond. Een voorbode van de zomer!

De muurbloempjes staan te bloeien, in de judaspenning zitten al knoppen. De akeleien, de daglelies, de crocosmia’s komen boven de grond piepen. En ’s avonds at ik de eerste paardenbloemblaadjes in de salade.

Nu, een paar dagen later, is het weer heel anders. De lucht is donkergrijs en het hagelt. Maartse buien. Morgen zomertijd.

NS wandeling Beerschoten

Deze NS wandeling van 17 km begint in Bunnik en eindigt in Bilthoven. Dat is me wat te lang. Bovendien, het eerste stuk van Bunnik langs de Kromme Rijn naar Utrecht ken ik tamelijk goed en het stuk over de Uithof/ Science Park naar De Bilt is behoorlijk stedelijk. Ik pak daarom de route op in De Bilt. Vanaf daar loopt de route van 9,5 km hoofdzakelijk door het bos.

Als eerste kom je voorbij Landgoed Houdringe, aan de overkant kun je koffie-to-go kopen bij hotel De Biltse Hoek. Even voor bij Houdringe gaat de route de oprijlaan van Landgoed Beerschoten op. Beerschoten was ooit onderdeel van een klooster met landerijen en een boerderij, gesticht in de 12e eeuw. In 1580 werd het verlaten en weer een eeuw later verkocht. Het landgoed is nu van het Utrechts Landschap.

In de tuinen onderweg in De Bilt zag ik al veel bloeiende bomen, maar in het bos zijn de bomen nog kaal. De route voert over beukenlanen en langs het Paviljoen Beerschoten, vroeger was dit de boerderij van het klooster, nu een bezoekerscentrum. Het is gesloten, ernaast ligt een beeldentuin.

De beeldentuin is open. De route gaat erlangs, maar ik loop natuurlijk dwars door het beeldenpark, om de beelden te bekijken. Ik sta al zo lang droog qua kunst en cultuur dat ik blij ben met elk sprankje dat zich aandient. De beelden zijn allemaal van Jits Bakker (1937-2014). 

Na het beeldenpark gaat het verder door beukenlanen en langs een vijver. Ik ga over een heuveltje met trap van cortenstaal. Ik had er natuurlijk ook omheen kunnen lopen, maar het is altijd leuk om vanaf een heuveltje rond te kijken.

Na Beerschoten gaat de route het Panbos in (ook Utrechts Landschap). Dit is een echt bos. Hier geen kunstwerken of vijvers maar zandverstuivingen en grove dennen. In dit bos gaat het heuveltje op, heuveltje af en tenslotte nog langs een golfbaan. Het is zonnig weer en er zijn veel mensen op pad, groepjes wandelaars, met en zonder hond, paardrijders en hardlopers. Maar gelukkig geen mountainbikers, die zou je toch verwachten in dit best ruige terrein.

Het laatste deel van de wandeling gaat door (beschermd) natuurgebied De Biltse Duinen, ook van het Utrechts Landschap. Dat dit gebied nog toegankelijk is, is te danken aan de inwoners van Bilthoven. Zij verhinderden dat het terrein bij de golfbaan getrokken werd. Natuurgebied De Biltse Duinen grenst direct aan de bebouwde kom van Bilthoven. Na een paar straten kom ik aan op het station.